Typische dreumes gedrag
Naast dat dreumesen zich snel ontwikkelen op lichamelijk, persoonlijk en cognitief, zal je ook ook merken dat ze in gedrag veranderen.
Het gedrag van je kind kan voor ouders soms uitdagend zijn vanwege verschillende kenmerken van deze leeftijdsfase. Driftbuien of agressief gedrag zijn een veelvoorkomende problemen, omdat dreumesen intense emoties kunnen ervaren en snel gefrustreerd raken als hun wensen niet worden ingewilligd.
Hun toenemende eigenwijsheid en koppigheid maken het vaak moeilijk voor ouders om grenzen te stellen, omdat deze jonge kinderen graag hun zelfstandigheid willen behouden en boos kunnen reageren als ze beperkt worden.
Het onderzoekende gedrag van dreumesen kan tot veiligheidsproblemen leiden wanneer ze bijvoorbeeld in kasten snuffelen of gevaarlijke objecten oppakken. Tegelijkertijd testen dreumesen vaak hun grenzen, wat het voor ouders lastig maakt om consistent te blijven in het handhaven van regels.

6 Tips om met dreumes gedrag om te gaan
1. Blijf kalm en geduldig
Als een dreumes of peuter een driftbui heeft, is het belangrijk om rustig te blijven. Dreumesen leren door imitatie, dus een rustige reactie kan hen kalmeren.
Geduld en kalmte zorgen ervoor dat ouders in staat zijn om rationeel te reageren, in plaats van zich te laten meeslepen door emotie. Dit geeft jouw kind een positief voorbeeld van hoe ze met hun eigen gevoelens kunnen omgaan, wat uiteindelijk bijdraagt aan hun emotionele ontwikkeling.
2. Geef duidelijke grenzen
kinderen van 1 tot 2.5 jaar hebben duidelijke grenzen nodig om zich veilig te voelen. Leg regels op een eenvoudige manier uit en herhaal deze regelmatig.
Consistentie en duidelijkheid zorgen ervoor dat jouw dreumes weet wat er van hem wordt verwacht. Als ze de grenzen begrijpen, zullen ze minder snel ongewenst gedrag vertonen.
Grenzen zorgen voor een gevoel van veiligheid en voorspelbaarheid in hun dagelijks leven, wat bijdraagt aan een gezond gedragspatroon.
3. Leid af met een positieve activiteit
Als je kind negatief gedrag vertoont, kan afleiding vaak helpen. Bied een andere activiteit aan die hun aandacht trekt, zoals een spelletje of een boek.
Afleiding helpt hun focus te verleggen van het ongewenste gedrag naar iets positiefs en constructiefs. Dit is vooral nuttig in situaties waarin een directe confrontatie het gedrag zou kunnen verergeren.
Door hen aan te moedigen zich te concentreren op iets wat ze leuk vinden, creëer je een positieve leerervaring.

4. Beloon positief gedrag
Complimenteer je dreumes wanneer hij zich goed gedraagt. Positieve bekrachtiging kan effectief zijn om goed gedrag te versterken.
Dit moedigt je kind aan om gewenst gedrag te herhalen, omdat ze weten dat dit gewaardeerd wordt. Beloon met woorden, knuffels of kleine beloningen.
Positieve bekrachtiging kan ook helpen om hun zelfvertrouwen te vergroten, wat leidt tot beter gedrag op de lange termijn.
5. Zorg voor een voorspelbare routine
Een consistente dagelijkse routine helpt een dreumes om zich veilig en zeker te voelen. Dit vermindert hun neiging tot uitdagend gedrag.
Duidelijke routines voor eten, slapen en spelen geven een gevoel van structuur en voorspelbaarheid in hun leven.
Dit helpt ook om het aantal verrassingen of veranderingen in hun dag tot een minimum te beperken, wat stress en gedragsproblemen kan verminderen.
6. Begrijp de onderliggende behoeften
Gedrag bij dreumesen wordt vaak beïnvloed door hun basisbehoeften. Probeer te begrijpen of honger, vermoeidheid of verveling de oorzaak van het gedrag kan zijn.
Als ouders alert blijven op deze behoeften, kunnen ze vaak ongewenst gedrag voorkomen voordat het escaleert.
Het begrijpen en aanpakken van deze behoeften is essentieel voor een effectieve opvoeding, omdat het helpt om de oorzaak van het gedrag aan te pakken in plaats van alleen de symptomen te behandelen.

Wanneer begint de peuterpuberteit?
De term “peuterpuberteit” wordt meestal gebruikt om de fase van onafhankelijkheid en eigenzinnigheid te beschrijven die vaak voorkomt bij peuters, meestal tussen de leeftijd van twee en vier jaar.
Het wordt gekenmerkt door een toename van zelfstandigheid, koppigheid en driftbuien. Dit is vergelijkbaar met het gedrag dat vaak wordt geassocieerd met de puberteit, maar dan op een jongere leeftijd.
Hoewel dreumesen jonger zijn dan peuters, kunnen sommige kinderen al eerder tekenen van peuterpuberteit beginnen te vertonen. Gedrag zoals het testen van grenzen, driftbuien en het tonen van meer zelfstandigheid kan al bij dreumesen worden waargenomen, maar is meestal minder uitgesproken dan bij peuters.
Hoe kan je een dreumes straffen?
Een dreumes straffen gebeurt het best door op een positieve manier grenzen te stellen. Het is belangrijk om eenvoudige taal te gebruiken en negatief gedrag om te leiden naar gewenst gedrag.
Het is belangrijk om je kind niet te vaak te straffen (alleen wanneer het noodzakelijk is), en om eerst een waarschuwing te geven voordat je straf geeft. Geef ook uitleg aan je kind waarom hij of zij straf krijgt.
Vermijd fysieke straf
Gebruik geen fysieke straf, zoals slaan, schreeuwen of harde fysieke correcties. Dit kan het gedrag van de dreumes negatief beïnvloeden en kan zelfs schadelijke langetermijneffecten hebben op hun emotionele en psychologische ontwikkeling.
Fysieke straf kan angst en verwarring veroorzaken, waardoor het kind mogelijk niet begrijpt waarom het gestraft wordt. Dit kan het vertrouwen tussen ouder en kind verslechteren.
In plaats daarvan is het belangrijk om kalm te blijven en consequent te zijn bij het aanpakken van ongewenst gedrag. Dit betekent dat de reactie op ongewenst gedrag altijd op dezelfde manier wordt toegepast, ongeacht de omstandigheden of het moment.
Gebruik time-outs
Plaats je kind in een rustige hoek of ruimte als hij of zij zich niet op de juiste manier gedraagt. Dit geeft je kind de tijd om na te denken over zijn of haar gedrag en helpt de situatie te kalmeren.
Zorg ervoor dat de time-out kort en passend is bij de leeftijd van de dreumes. Een algemene vuistregel is één minuut per jaar van de leeftijd van het kind. Voor een dreumes betekent dit dat de time-out meestal niet langer dan één tot twee minuten hoeft te duren.
Kies een plek die saai en vrij van afleiding is, zodat de dreumes zich op zichzelf kan concentreren. Zorg ervoor dat de dreumes begrijpt waarom hij of zij in time-out is geplaatst, door het gedrag dat tot de time-out leidde kort en duidelijk uit te leggen.